Onderwerpen
Betaalbaarheid van sport
We onderzoeken wat het kost om te sporten, hoeveel mensen hieraan uitgeven en wat overheden doen om sport betaalbaar te maken.
Financiële situatie sportaanbieders
We monitoren verschillende aspecten van financiën in relatie tot sportaanbieders. Zo volgen we de situatie bij sportverenigingen en de toegangsprijzen van sportaccommodaties.
Overheidsuitgaven aan sport
De Nederlandse breedtesport wordt door verschillende partijen gefinancierd. Naast consumenten komt de grootste bijdrage daaraan van gemeenten. We volgen deze overheidsuitgaven aan sport.
Uitgelicht

Tarief- en exploitatievergelijkingen sportaccommodaties
We voeren tarief- en exploitatievergelijkingen uit van gemeentelijke sportaccommodaties. Zo weten gemeenten en exploitanten hoe hun exploitatie zich verhoudt tot andere gemeenten.
Monitor sportuitgaven gemeenten
Met de Monitor sportuitgaven gemeenten volgen we de uitgaven van gemeenten aan sport en rapporteren we over de ontwikkelingen daarin.


Contributiemonitor, Toegangsprijsmonitor en Huurtarievenmonitor
Elk jaar volgt het Mulier Instituut de contributies van sportverenigingen, de toegangsprijzen van gemeentelijke sportaccommodaties en de huurtarieven die gemeenten voor deze accommodaties rekenen.
Het laatste nieuws over dit thema
Gemeenten geven netto 9 procent meer uit aan sport
De netto-uitgaven aan sport van Nederlandse gemeenten waren in 2024 1,4 miljard euro. Dat is 9 procent meer dan een jaar eerder. Na verrekening van de inflatie is het verschil 6 procent.
Ruim helft Nederlanders vindt sport te duur
55 procent van de Nederlanders vindt de kosten voor sport te hoog. Mensen uit huishoudens met een laag inkomen vinden dat vaker (66%) dan mensen uit huishoudens met een hoog inkomen (45%).
Oratie Remco Hoekman: om sociale ongelijkheid in sport te dempen, moet overheid meer maatwerk leveren
Overheidsbeleid om meer mensen aan het sporten te krijgen, werkt helaas niet voor iedereen. Dat komt onder meer omdat 75 procent van de gemeentelijke gelden naar accommodaties gaat, zonder daarmee echt te sturen op sportstimulering.