Acceptatie homoseksualiteit daalt ondanks inzet op bewustwording
Tussen 2010 en 2020 gaf een overgrote meerderheid (85-86%) van de verenigingssporters aan er ‘geen probleem mee te hebben wanneer een medesporter aangeeft homoseksueel te zijn’. In 2026 zijn dit er nog maar twee op de drie (66%). Dat blijkt uit nieuwe cijfers van onze onderzoekers.
Die cijfers werden maandagavond 26 oktober gepresenteerd in een uitzending van Nieuwsuur. Collega Rens Cremers zat in de uitzending om de cijfers te duiden. Cremers en collega’s ronden het onderzoek, dat breder is en over de acceptatie van de hele lhbti+-gemeenschap gaat, de komende periode af. We publiceren het onderzoek in het eerste kwartaal van 2027.

Douchen vaker een probleem
Dat de homo-acceptatie bij sportverenigingen onder druk staat, zien onze onderzoekers ook als het gaat over douchen met een homoseksuele sporter van hetzelfde geslacht. In 2008-2020 was dit voor ongeveer drie kwart van de verenigingssporters geen probleem. Nu geldt dat voor iets meer dan de helft (54%).

Minder draagvlak voor aanpakken scheldwoorden
Ook is er minder draagvlak voor bestraffing door een scheidsrechter bij het gebruik van ‘homo’ of ‘mietje’ als scheldwoord. In 2020 vond drie kwart van de verenigingssporters dat een scheidsrechters in zo’n situatie moet ingrijpen. In 2026 is dat 56 procent.

Meer aandacht, meer bewustzijn
Tegelijkertijd geven steeds meer verenigingssporters aan dat er op hun vereniging aandacht is geweest voor lhbti+-acceptatie. In 2017 was dit 12 procent; in 2026 is dat opgelopen tot 28 procent. Dit heeft er mogelijk toe geleid dat er meer bewustzijn is ontstaan onder verenigingssporters over uitsluiting op basis van seksualiteit.

Dit gegroeide bewustzijn kan er, in combinatie met een algemene daling van de homo-acceptatie, toe hebben geleid dat sinds 2020 minder verenigingssporters zeggen dat het op hun vereniging geen enkel probleem is om open te zijn over homoseksualiteit. Voor homoseksuele mannen daalde dit van 63 naar 54 procent. voor lesbische vrouwen van 68 naar 59 procent.

Onderzoek naar sociale ongelijkheid
Onze collega’s ronden hun onderzoek naar acceptatie van de lhbti-gemeenschap in de sport de komende periode dus af. Houd ons onderzoek naar (ontwikkelingen in) sociale ongelijkheid in en door de sport naar gender en seksuele voorkeur in de gaten!
Meer nieuws over dit thema
Uitvoering strategie ‘sporten voor mensen met een handicap is vanzelfsprekend in 2030’ komt van de grond
Sinds 2024 werken 56 organisaties aan de strategie ‘Sporten voor mensen met een handicap is vanzelfsprekend in 2030’. Sinds eind 2025 is er een uitvoeringsplan. In 2026 komt geleidelijk schot in de uitvoering van geplande acties. Belangrijke aandachtspunten zijn effectieve samenwerking, de mensen om wie het gaat betrekken en resultaten halen op einddoelen.
Sporten is voor mensen met een visuele beperking nog lang niet vanzelfsprekend
Voor mensen die blind of slechtziend zijn, vraagt het vaak veel doorzettingsvermogen om te kunnen sporten. Ze ervaren vaak op verschillende vlakken drempels. Tijdens het sporten, maar ook op de weg naar en bij de toegang tot sportaccommodaties. Ze zijn daarbij vaak afhankelijk van anderen, terwijl ze het liefst zelfstandig kunnen sporten.
Inkomensondersteuning voor sport en zwemles kinderen met een beperking schiet tekort
Veel gemeenten bieden inkomensondersteuning voor sport en zwemles. Maar die past niet altijd bij wat kinderen met een beperking nodig hebben. Dat komt door verschillende knelpunten.