Evaluatie DoeRakkers-beweeglessen (intern rapport)
Een beweeginterventie op de kinderopvang
Samenvatting
Voldoende en gevarieerde beweging is essentieel voor de motorische, fysieke en psychosociale ontwikkeling van jonge kinderen (2-5 jaar). Een brede motorische basis vergroot de kans op latere sportdeelname en motorische competentie. Tegelijkertijd bewegen jonge kinderen steeds minder. Omdat een deel van de kinderen een groot deel van hun dag op de kinderopvang doorbrengt, is de kinderopvang een belangrijke plek om bewegen te stimuleren.
DoeRakkers is een programma van Sportbedrijf Rotterdam, gebaseerd op het ABC-beweegdiploma van PlayFit, gericht op het versterken van motorische vaardigheden en een gezonde leefstijl bij peuters. Onderdeel daarvan zijn beweeglessen op kinderopvanglocaties in Rotterdam. Het Mulier Instituut evalueerde de beweeglessen via vragenlijsten onder 219 ouders, 111 pedagogisch professionals en 24 trainers, verspreid over 83 locaties.
De evaluatie laat zien dat de DoeRakkers-beweeglessen een positief effect hebben op kinderen: zij bewegen meer en gevarieerder, ontwikkelen hun motoriek en groeien in zelfvertrouwen en zelfstandigheid. Pedagogisch professionals handelen bewuster en kwalitatiever op het gebied van bewegen, zonder dat dit de werkdruk verhoogt.
Wel is er behoefte aan structurele inbedding in het dagprogramma, aanvullende scholing en voldoende (werk)tijd daarvoor. Ook ouderbetrokkenheid en thuis bewegen verdienen blijvende aandacht. Tot slot zijn goede communicatie, vaste contactpersonen en passende ruimtes en materialen essentieel voor een duurzame en kwalitatieve uitvoering van de beweeglessen.
Voor meer informatie over DoeRakkers kunt u contact opnemen met Sportbedrijf Rotterdam: Jasmijn van der Groot - j.vandergoot@sportbedrijfrotterdam.nl. Voor meer informatie over het onderzoek kunt u contact opnemen met Maaike Heerschop
Literatuurverwijzing: Heerschop, M., & Veldman, S.L.C. (2026). Evaluatie DoeRakkers-beweeglessen (intern rapport): Een beweeginterventie op de kinderopvang. Utrecht: Mulier Instituut.