Voortgang lokale invulling inclusie in sport onder druk
Het landelijke sportakkoord heeft de afgelopen jaren gezorgd voor meer lokale aandacht voor inclusie en diversiteit in sport en bewegen. Maar door verschillende ontwikkelingen staat de aandacht voor dit thema nu weer onder druk. Dat blijkt uit verdiepend meerjarig onderzoek van het Mulier Instituut in zes gemeenten.
Er is bijvoorbeeld meer algemene politiek-maatschappelijke weerstand tegen inclusie van minderheden. En het bevorderen van inclusie in sport raakt lokaal meer verweven met andere sportambities. Zoals vaardig in bewegen, veilig sportklimaat en gezond leven. Het risico is dan dat specifieke kennis over en inzet op inclusie in de sport weer verdwijnt.
Geld vanuit sportakkoord maakte lokale initiatieven mogelijk
Het geld vanuit het landelijke sportakkoord was belangrijk voor gemeenten. Hiermee ontwikkelden ze veel sport- en beweeginitiatieven (verder). Vooral voor mensen met een beperking en ouderen.
Ook de toegenomen samenwerking met bijvoorbeeld zorg- en welzijnsorganisaties vinden betrokkenen positief. Wel blijkt het lokaal lastig om de voortgang en resultaten goed in beeld te krijgen.
Lokale invulling inclusie afhankelijk van beschikbaarheid betrokkenen
Lokale invullingen hangen sterk af van de beschikbaarheid van betrokkenen. Bijvoorbeeld de invulling van wat inclusie is of vraagt. En welke groepen vooral aandacht (moeten) krijgen.
Deze betrokkenen werken vaak vanuit specifieke expertises en persoonlijke affiniteit. Als zij vertrekken, is dat nadelig voor de voortgang. Opgebouwde kennis en expertise verdwijnen dan vaak weer.
Inclusie vooral een globaal ideaal
Inclusie krijgt lokaal vooral invulling als globaal ideaal: iedereen moet ergens in de gemeente kunnen sporten of bewegen. Het is lastig om te bepalen of en wanneer dit is bereikt.
Gemeenten zetten er vooral op in dat (groepen) inwoners die minder actief zijn, meer gaan bewegen. Maar ze hebben weinig aandacht voor achterliggende sociale ongelijkheden. En het gaat lokaal vrijwel niet over inclusie in de organisatie van en besluitvorming over sport. Dus over meer diversiteit in sportbeleid en -uitvoering.
Meerjarig onderzoek in zes uiteenlopende gemeenten
Van 2021 tot begin 2025 voerden we in zes gemeenten gesprekken met lokale betrokkenen. Ook analyseerden we (beleids)documenten uit de afgelopen tien jaar. We kozen hiervoor uiteenlopende gemeenten: in grootte en in spreiding over het land.
Meer nieuws over dit thema
Sportbeleid overwegend stabiel in 2024 en 2025
Het sportbeleid kent een aantal lijnen die al langere tijd lopen. Zoals het Sportakkoord en de Brede Regeling Combinatiefuncties. En ook op beleidsonderdelen als topsport en (topsport)evenementen is er vastgesteld beleid. Dit zorgt voor stabiliteit en structuur in het sportbeleid. Tegelijk nam de aandacht voor een aantal beleidsthema’s toe en werd het beleid breder.
Voortgang Sportakkoord II: lokale samenwerkingen ontstaan en versterkt, maar zorgen over borging resultaten
Vanuit lokale sportakkoorden zijn er rondom de thema’s Vaardig in Bewegen (ViB) en Inclusie & Diversiteit (I&D) samenwerkingen ontstaan en versterkt. Ook zien we veranderingen die bijdragen aan sport en bewegen. Maar in gemeenten leven ook zorgen over het borgen van de opbrengsten.
Religie en sport gaan goed samen, maar er zijn ook uitdagingen voor christelijke en islamitische ouders
Voor praktiserend religieuze ouders kan religie hun sportdeelname zowel stimuleren als belemmeren. Vooral voor moeders kunnen aan gender en religie gekoppelde waarden en gezinsverantwoordelijkheden ook belemmerend werken.