Ga naar de inhoud

Vooral persoonlijke belemmeringen om actief te zijn in de openbare ruimte

Meer dan de helft van de Nederlanders (59%) ervaart belemmeringen om sportief te bewegen in de openbare ruimte. Hierbij gaat het vooral om persoonlijke belemmeringen (47%). Bijvoorbeeld een gebrek aan tijd of een slechte gezondheid. Dat blijkt uit onderzoek van het Mulier Instituut in opdracht van Kenniscentrum Sport & Bewegen.

Ook sociale en fysieke belemmeringen

Een derde van de respondenten ervaart sociale belemmeringen. Ze vinden het bijvoorbeeld niet prettig als anderen ze zien tijdens het sporten (13%). Of ze hebben geen sportmaatje (12%).

Ook ongeveer een derde ervaart fysieke belemmeringen. Zoals onvoldoende verlichting (12%) en geen parken of wandelpaden in de buurt (9%).

Vooral jongvolwassenen ervaren belemmeringen

Gemiddeld ervaren meer jonge dan oudere Nederlanders belemmeringen bij het sporten of bewegen in de openbare ruimte. Zo gaat het onder 16-25-jarigen om 84 procent, tegenover 37 procent van de 65-79-jarigen.

Kleine verschillen tussen mannen en vrouwen

De verschillen naar geslacht zijn klein. Wel komen bepaalde belemmeringen onder vrouwen vaker voor dan onder mannen. Bijvoorbeeld de eigen gezondheid of een onveilig gevoel in de openbare ruimte. De eigen gezondheid is ook relatief vaak een belemmering onder mensen met een beperking.

Maatwerk nodig

Sporten en bewegen in de openbare ruimte stimuleren onder zoveel mogelijk Nederlanders vraagt om maatwerk. Dat moet gericht zijn op de behoeften van specifieke groepen. Met name jongeren, maar ook vrouwen en mensen met een beperking. En op het oplossen van gedeelde ervaren belemmeringen: belemmeringen die onder een brede groep Nederlanders voorkomen.

Onderzoek onder mensen die (willen) sporten in de openbare ruimte

In dit onderzoek vroeg het Mulier Instituut 1.599 Nederlanders van 16 t/m 79 jaar naar hun sport- en beweeggedrag in de openbare ruimte. Het ging hier om Nederlanders die al sportief bewegen in de openbare ruimte, of dat zouden willen. Te denken valt aan activiteiten als wandelen, fietsen of hardlopen. ‘Openbare ruimte’ betekende in dit onderzoek vrij toegankelijke ruimte in eigendom van de overheid. Zoals straten, parken, en bossen.

Dit onderzoek is tot stand gekomen vanuit Sportakkoord II.

Meer nieuws over dit thema

Brede zorgen over de ruimte voor sport en bewegen

Wachtlijsten, sportruimte die moet wijken voor woningbouw en bevolkingsgroei: er zijn brede zorgen over de ruimte die beschikbaar is voor sport en bewegen. En of deze wel (voldoende) meegroeit met de veranderende en toenemende behoefte aan sportruimte.

Oratie Remco Hoekman: om sociale ongelijkheid in sport te dempen, moet overheid meer maatwerk leveren

Overheidsbeleid om meer mensen aan het sporten te krijgen, werkt helaas niet voor iedereen. Dat komt onder meer omdat 75 procent van de gemeentelijke gelden naar accommodaties gaat, zonder daarmee echt te sturen op sportstimulering.

Openbare ruimte nog niet altijd toegankelijk voor wandelaars met een beperking 

Wandelen in de openbare ruimte gaat voor mensen met een beperking nog niet zonder belemmeringen. Zij komen nog verschillende obstakels tegen. Gemeenten worstelen met de opgave om de openbare ruimte toegankelijker te maken.