Verenigings- en sportparkmanagers creëren basis voor betere benutting sportaccommodaties
Sportparkmanagers en verenigingsmanagers vervullen een verbindende rol en versterken de samenwerking bij verenigingen en op sportparken. Daarmee scheppen zij de voorwaarden voor een breder gebruik van sportaccommodaties. Clubkadercoaches dragen vooral bij aan pedagogische vaardigheden van trainers en normalisering van professionele begeleiding. Dat blijkt uit onderzoek van het Mulier Instituut naar de effecten van deze drie functies in opdracht van NOC*NSF.
We deden onderzoek onder de professionals zelf en andere betrokkenen bij deze functies.
Sportparkmanagers en verenigingsmanagers als verbindende schakel
Meer dan de helft van de betrokkenen ziet verbeterde samenwerking als belangrijkste effect van de sportparkmanagers. Zowel tussen verenigingen als met externe partijen. Ze vergroten de zichtbaarheid en bekendheid van het sportpark. En ze stimuleren samenwerking met maatschappelijke partijen. Sommige sportparkmanagers zien beperkte beslissingsbevoegdheid als belemmering bij hun werk.
Ook verenigingsmanagers zijn verbinders. Ze verbeteren samenwerking binnen verenigingen en relaties met externen. Hierdoor kunnen verenigingen de faciliteiten beter benutten. Meer dan de helft van de betrokkenen ziet dat als het belangrijkste effect. Het uitgebreide takenpakket van de verenigingsmanagers vraagt om duidelijkere afbakening van hun werk. En om voldoende beschikbare uren.
Clubkadercoaches versterken trainersvaardigheden
Bij clubkadercoaches staat de pedagogische vaardigheden van trainers verbeteren op de eerste plaats. Dit zorgt volgens betrokkenen voor betere trainingen en meer plezier bij trainer-coaches en instructeurs.
Het merendeel van de clubkadercoaches geeft daarnaast aan dat kadercoaching door hen normaler is geworden op de vereniging. De helft van de betrokkenen onderschrijft dit. Clubkadercoaches missen soms nog ondersteuning vanuit trainers en het bestuur.
Vragenlijstonderzoek
Voor dit onderzoek hebben we vragenlijsten verspreid onder verenigingsmanagers, sportparkmanagers en clubkadercoaches. En onder hun direct betrokkenen, zoals bestuursleden, commissieleden en trainers. In totaal hebben 54 professionals en 57 betrokkenen de vragenlijst ingevuld.
Door het relatief lage aantal respondenten per functieprofiel moeten we de resultaten voorzichtig interpreteren. Ze geven een indicatie van de belangrijkste bijdragen van deze functiegroep. Maar we hebben nog geen volledig representatief beeld.
Tweede rapportage professionalisering op sportverenigingen en sportparken
Dit onderzoek vormt het tweede deel van het onderzoek naar professionalisering op sportverenigingen en sportparken, uitgevoerd in opdracht van NOC*NSF. Het bouwt daarmee voort op het eerste rapport ‘Professionalisering bij sportverenigingen en sportparken’ (opent in nieuw tabblad) (2025).
Meer nieuws over dit thema
Sportverenigingen hebben dorpshuisfunctie in krimp- en anticipeerregio’s
Sportverenigingen en hun accommodaties zijn soms een van de laatst overgebleven voorzieningen in dorpen waar de bevolking krimpt. Zij vervullen daar een dorpshuisfunctie: mensen ontmoeten elkaar bij verenigingen en accommodaties voor verschillende doeleinden.
Sportbeleid overwegend stabiel in 2024 en 2025
Het sportbeleid kent een aantal lijnen die al langere tijd lopen. Zoals het Sportakkoord en de Brede Regeling Combinatiefuncties. En ook op beleidsonderdelen als topsport en (topsport)evenementen is er vastgesteld beleid. Dit zorgt voor stabiliteit en structuur in het sportbeleid. Tegelijk nam de aandacht voor een aantal beleidsthema’s toe en werd het beleid breder.
Voortgang Sportakkoord II: lokale samenwerkingen ontstaan en versterkt, maar zorgen over borging resultaten
Vanuit lokale sportakkoorden zijn er rondom de thema’s Vaardig in Bewegen (ViB) en Inclusie & Diversiteit (I&D) samenwerkingen ontstaan en versterkt. Ook zien we veranderingen die bijdragen aan sport en bewegen. Maar in gemeenten leven ook zorgen over het borgen van de opbrengsten.