Freerunners willen nieuwe vaardigheden leren, sociaal contact en vrijheid
Jongeren die freerunnen, halen vooral plezier uit het leren van nieuwe vaardigheden, sociaal contact met andere jongeren en vrijheid tijdens het freerunnen. Dat blijkt uit onderzoek van het Mulier Instituut voor de Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie.

Nieuwe vaardigheden leren
Jongeren die freerunnen willen graag nieuwe vaardigheden (tricks) leren en deze steeds beter beheersen. Zo hebben ze uitdaging en kunnen ze hun grenzen verleggen, iets wat freerunners aanspreekt.
Om nieuwe vaardigheden te leren is afwisseling in trainingen belangrijk. Daarnaast willen de meeste jongeren graag leren van goede freerunners.
Sociaal contact met andere freerunners
De jongeren vinden het belangrijk dat er een fijne sfeer heerst en het gezellig is met andere jongeren en de trainer. Freerunners hebben ook via diverse sociale-mediakanalen contact met elkaar.
Vrijheid: geen strakke regels
De jongeren vinden het leuk om creatief bezig te zijn en zelf tricks te bedenken. En dat in een omgeving waar geen strakke (spel)regels gelden.
Freerunners bij de KNGU positief over huidig sportaanbod
De jongeren die lid zijn bij een KNGU-club, zijn over het algemeen tevreden over de trainingen en hun trainer. De meeste jongeren ervaren een prettige sfeer op de vereniging en vinden de trainingen leuk. De meerderheid geeft aan hun grenzen te kunnen verleggen en nieuwe elementen te leren tijdens de training.
De behoefte aan freerunningwedstrijden onder KNGU-leden is wisselend: twee op de vijf lijkt het leuk om mee te doen aan wedstrijden.
Vragenlijstonderzoek onder KNGU-leden die aan freerunning doen
Voor dit onderzoek hebben we een vragenlijst uitgezet onder jongeren die freerunnen bij een KNGU-club. 94 jongeren vulden deze volledig in. Daarnaast voerden we interviews met twee ondernemers die freerunning aanbieden. En we analyseerden resultaten van een exit-onderzoek onder gestopte KNGU-leden.
Meer nieuws over dit thema
Nederlandse sportorganisaties scoren 6,3 op innovatie
Nederlandse sportorganisaties scoren in 2025 gemiddeld 6,3 op sportinnovatie, op een schaal van 1 tot 10. Dit is geen rapportcijfer, maar een gemiddelde om de score te duiden. De score is vergelijkbaar met de score uit 2021, toen de nulmeting plaatsvond.
Sportverenigingen hebben dorpshuisfunctie in krimp- en anticipeerregio’s
Sportverenigingen en hun accommodaties zijn soms een van de laatst overgebleven voorzieningen in dorpen waar de bevolking krimpt. Zij vervullen daar een dorpshuisfunctie: mensen ontmoeten elkaar bij verenigingen en accommodaties voor verschillende doeleinden.
Twee studies brengen arbeidsvoorwaarden in sport en bewegen beter in beeld
In opdracht van de Human Capital Agenda Sport en Bewegen heeft het Mulier Instituut twee studies uitgevoerd naar arbeidsvoorwaarden in sportbanen. De onderzoeken geven meer inzicht in hoe arbeidsvoorwaarden in sport en bewegen zijn geregeld.