Ga naar de inhoud

Buitenspelen: wat is dat eigenlijk?

Buitenspelen wordt op verschillende manieren gedefinieerd. Onderzoekers en experts verschillen van mening over wanneer iets buitenspelen is. Daarom stelt het Mulier Instituut het gebruik van één terminologie voor. Als iedereen dezelfde termen gebruikt, kunnen we onderzoeken naar buitenspelen namelijk beter vergelijken en beleid beter onderbouwen.

Buitenspelen

Buitenspelen in verschillende vormen

In de voorgestelde terminologie is buitenspelen al het spelen dat plaatsvindt in de buitenlucht. Spelen kan daarbij één of meer van de volgende vormen hebben:

  • actief: met fysieke activiteit;
  • vrij: ongestructureerd en zelfgestuurd;
  • natuurlijk: in de natuur of met natuurlijke elementen, zoals water;
  • avontuurlijk: spannend, onvoorspelbaar en met risico;
  • sociaal: met interactie met anderen.

Deze terminologie van buitenspelen is een Nederlandse vertaling van Engelstalige terminologie uit een internationale studie waarin hierover consensus is bereikt (Lee et al., 2022).

Literatuuronderzoek en interviews met experts

We zijn tot deze aanbeveling gekomen op basis van twee soorten onderzoek:

  • literatuuronderzoek naar de definitie van buitenspelen;
  • interviews met vijf experts over hun kijk op buitenspelen.

Veel verschillende definities

Uit dit onderzoek blijkt dat (onderzoeks)experts verschillende dingen onder buitenspelen verstaan. Ze zijn het erover eens dat buitenspelen spelen is dat buiten plaatsvindt. Maar over de verdere afbakening niet. Zo verschillen ze van mening over of de volgende onderdelen van buitenspelen altijd aanwezig moeten zijn:

  • ongestructureerd, ongeorganiseerd, vrij gekozen, zelfgestuurd en/of vrij spel;
  • plezier;
  • fysieke activiteit en/of actief spel.

Wanneer je de terminologie gebruikt die wij voorstellen , kun je onderscheid maken tussen de verschillende vormen van buitenspelen. Zo is altijd duidelijk over welke onderdelen je het wel en niet hebt.

Meer nieuws over dit thema

Sportbeleid overwegend stabiel in 2024 en 2025

Het sportbeleid kent een aantal lijnen die al langere tijd lopen. Zoals het Sportakkoord en de Brede Regeling Combinatiefuncties. En ook op beleidsonderdelen als topsport en (topsport)evenementen is er vastgesteld beleid. Dit zorgt voor stabiliteit en structuur in het sportbeleid. Tegelijk nam de aandacht voor een aantal beleidsthema’s toe en werd het beleid breder.

Voortgang Sportakkoord II: lokale samenwerkingen ontstaan en versterkt, maar zorgen over borging resultaten

Vanuit lokale sportakkoorden zijn er rondom de thema’s Vaardig in Bewegen (ViB) en Inclusie & Diversiteit (I&D) samenwerkingen ontstaan en versterkt. Ook zien we veranderingen die bijdragen aan sport en bewegen. Maar in gemeenten leven ook zorgen over het borgen van de opbrengsten.

BRC-functionarissen actief op helft basisscholen

Op 50 procent van de scholen in het primair onderwijs waren in 2025 één of meer BRC-functionarissen actief. Het grootste deel daarvan is een paar keer per jaar actief op de school.