Mensen met een beperking ervaren vaak belemmeringen bij sportieve activiteiten
Veel mensen met een motorische of verstandelijke beperking ervaren belemmeringen bij sportieve activiteiten. Van vermoeidheid en te hoge kosten tot te weinig mensen om samen sportieve activiteiten mee te doen. Dat blijkt uit twee onderzoeken van het Mulier Instituut in samenwerking met het Nivel.
Mensen met een motorische of verstandelijke beperking doen allerlei sportieve activiteiten. Vooral wandelen, fitness, zwemmen en fietsen zijn populair.
Vooral belemmeringen door persoonlijke situatie
De ervaren belemmeringen bij sportieve activiteiten lopen uiteen. Maar meestal hebben ze te maken met iemands persoonlijke situatie. De meest genoemde redenen om geen sportieve activiteiten te doen, zijn:
- de beperking of hun gezondheid;
- niet genoeg energie.
Voor mensen met een verstandelijke beperking is ook vaak een reden dat ze sportieve activiteiten niet leuk vinden. Of dat ze vinden dat ze er niet goed in zijn. Mensen met een motorische beperking noemen deze belemmeringen bijna nooit.
Ook contacten, kosten en aanbod vormen belemmeringen
In beide groepen geeft een deel van de mensen aan dat ze weinig mensen hebben om samen sportieve activiteiten mee te doen. Mensen met een motorische beperking geven daarnaast vaak aan dat sportieve activiteiten te duur zijn. Voor mensen met een verstandelijke beperking speelt een gebrek aan sportieve activiteiten bij de zorginstelling vaak een rol.
Lang niet iedereen wil sportieve activiteiten doen
Twee op de vijf niet-sporters met een beperking geven aan géén behoefte te hebben aan deelname aan sportieve activiteiten. Dat geldt zowel voor mensen met een verstandelijke beperking als voor mensen met een motorische beperking.
Sportieve activiteiten leveren veel plezier op
De mensen met een beperking die aan sportieve activiteiten doen, beleven daar veel plezier aan. Vooral als ze in verenigingsverband actief zijn:
- Mensen met een motorische beperking geven hun plezier gemiddeld een 7,9. Degenen die lid zijn van een sportvereniging geven een 8,5.
- Mensen met een verstandelijke beperking geven hun plezier gemiddeld een 8,0. Degenen die lid zijn van een sportvereniging geven een 8,9.
Ondersteunende organisaties nauwelijks bekend
Er zijn allerlei landelijke initiatieven die sportieve activiteiten voor mensen met een beperking ondersteunen. Maar de meeste mensen met een beperking kennen deze niet. Slechts enkele initiatieven, zoals Special Olympics Nederland, kent een deel van de doelgroep.
Onderzoek onder twee panels van het Nivel
Voor dit onderzoek hebben we in samenwerking met het Nivel een vragenlijst uitgezet bij leden van twee panels van het Nivel:
- Mensen met een motorische beperking uit het Nationaal Panel Chronisch zieken en Gehandicapten (NPCG).
- Mensen met een verstandelijke beperking uit het Nivel Panel Samen Leven (PSL). Voor ons onderzoek delen vertegenwoordigers van mensen met een lichte of matige verstandelijke beperking hun ervaringen.
Lees de rapporten
- Sport- en beweegdeelname van mensen met een motorische beperking
- Sport- en beweegdeelname van mensen met een verstandelijke beperking
Meer nieuws over dit thema
Uitvoering Strategie sporten voor mensen met een handicap in de startblokken
Sinds eind 2023 werken ruim vijftig organisaties aan de strategie ‘Sporten voor mensen met een handicap is vanzelfsprekend in 2030’. Eind 2025 is het uitvoeringsplan voor de strategie klaar. Hierin vertalen de partijen de ambities van de Strategie naar concrete doelen en acties. Daarmee staat de uitvoering van de Strategie nu echt in de startblokken.
Voortgang Sportakkoord II: inclusie en bewegende jeugd nog niet de norm, maar de basis ligt er
Het merendeel van de gemeenten realiseert de randvoorwaarden die nodig zijn voor de ambities van Sportakkoord II. De partners pakken hun rol op om te komen tot meer inclusie en sociaal diverse sportomgevingen. Dat blijkt uit het voortgangsrapport van het Mulier Instituut.
Oratie Remco Hoekman: om sociale ongelijkheid in sport te dempen, moet overheid meer maatwerk leveren
Overheidsbeleid om meer mensen aan het sporten te krijgen, werkt helaas niet voor iedereen. Dat komt onder meer omdat 75 procent van de gemeentelijke gelden naar accommodaties gaat, zonder daarmee echt te sturen op sportstimulering.