Monitoring landelijke beleidsprogramma's

Beleid

Beleid maken, ook in de sport- en beweegsector, is een dynamisch proces. Het start veelal met een goede analyse van de huidige situatie en een visie waar het beleid zich in de (nabije) toekomst op zou moeten richten; op de gewenste doelen en effecten en wat daarin realistisch is. Vaak is sprake van een leer- en verbetercyclus, waarin tussentijds het beleid wordt gevolgd en bijgesteld en achteraf resultaten worden geëvalueerd. Idealiter zijn bij het maken, uitvoeren en monitoren van beleid zowel beleidsmakers, uitvoerders als eindgebruikers in de samenleving betrokken.

Het Mulier Instituut ondersteunt in dit proces en verzamelt in bijvoorbeeld voortgangsrapportages relevante gegevens over de input, activiteiten, resultaten en effecten van beleid. Dit stelt de beleidsmaker in staat de voortgang in het (beleids)programma te verantwoorden of om het beleid bij te sturen.

Steeds vaker leggen beleidsmakers (jaarlijks) rekenschap af van de ontwikkeling in het uitgezette beleid, de behaalde resultaten en de gerealiseerde effecten. Met een beleidsmonitor van het Mulier Instituut kunt u de voortgang in het beleids(programma) verantwoorden en doet u inzichten op die u kunt gebruiken voor tussentijdse bijsturing van het ingezette beleid.

Voor diverse organisaties produceert het MI voortgangsrapportages van hun beleidsprogramma’s, zoals de monitoren:

Nationaal Sportakkoord

Het Nationaal Sportakkoord ‘Sport verenigt Nederland’ is sinds eind 2018 in uitvoering, en loopt tot en met 2021. Doel van het sportakkoord is om ‘de sport’ als geheel weerbaar te maken om zo blijvend bij te kunnen dragen aan maatschappelijke ontwikkelingen en uitdagingen. Het is belangrijk dat iedereen die wil sporten en bewegen, dat ook kan. Belemmeringen moeten zoveel mogelijk worden weggenomen. De sportinfrastructuur dient duurzamer te worden, zowel wat betreft accommodaties en openbare ruimte, als door een grotere vitaliteit van verenigingen en andere aanbieders. De sporter moet zich veilig voelen: voor, tijdens en na het sporten. Ook het verbeteren van de motorische vaardigheid van kinderen is een belangrijk aandachtspunt in het sportakkoord, onder andere om het plezier in sporten te vergroten en zo een leven lang sporten en bewegen te stimuleren. Deze ambities zijn uiteengezet in vijf deelakkoorden. Elk deelakkoord is ondertekend door partijen die zich op dit thema gaan inzetten, samen met de trekkers van het sportakkoord: het ministerie van VWS, de Vereniging Sport en Gemeenten en NOC*NSF. De implementatie van het akkoord loopt langs drie lijnen: de nationale-, de lokale- en de sportlijn.

De monitoring van het sportakkoord wordt uitgevoerd door een consortium van RIVM, Kenniscentrum Sport en Mulier Instituut. Om ontwikkelingen rondom het sportakkoord zichtbaar te maken, worden indicatoren op nationaal niveau gevolgd. Het Mulier Instituut monitort indicatoren binnen de vijf deelakkoorden van het sportakkoord:

Twee keer per jaar rapporteert het Mulier Instituut over de voortgang van het sportakkoord. In juni dit jaar verscheen een rapport over de start van de lokale akkoorden. In december volgt een voortgangsrapportage waarin de inspanningen binnen de drie lijnen (lokaal, nationaal en sport) inzichtelijk worden gemaakt. In juni 2020 volgt een voortgangsrapportage waarin zowel de inspanningen als de stand van zaken voor de indicatoren worden gepresenteerd, waarna in november dat jaar een nieuwe voortgangsrapportage volgt.

Op deze site is informatie beschikbaar over de indicatoren per thema van het sportakkoord.

Brede regeling combinatiefuncties

Sinds 2008 kunnen gemeenten met cofinanciering van het Rijk hun lokale sport- en beweegbeleid verstevigen door het aanstellen van buurtsportcoaches. Het Mulier Instituut is sinds het begin betrokken bij de monitoring (en evaluatie) van de inzet van deze sportprofessionals. Op dit moment is de inzet van deze functionarissen een belangrijk onderdeel van het landelijke breedtesportbeleid. Via de Brede Regeling Combinatiefuncties (BRC) bieden het Rijk en gemeenten samen handen en voeten voor de uitvoering van verschillende deelakkoorden van het Nationale Sportakkoord. De BRC loopt van 2019 tot en met 2022.

Het Mulier instituut monitort de BRC. Dit gebeurt enerzijds met een jaarlijks onderzoek onder alle gemeenten die deelnemen aan de BRC, met daaraan gekoppeld een jaarlijkse rapportage met de belangrijkste resultaten. Deze jaarlijkse rapportages bieden VWS en de uitvoerende partijen de mogelijkheid het beleidsproces (tussentijds) te evalueren en bij te sturen. Via de rapportages legt de minister van VWS jaarlijks verantwoording af aan de Tweede Kamer over de voortgang van de BRC. Vanaf 2013 schrijft het Mulier Instituut al rapportages over de voortgang, vóór 2019 nog over de voorganger van de BRC, de regeling Sport en Bewegen in de Buurt (SBB). Klik hier voor de voortgangsrapportage SBB 2018.

Anderzijds verzamelt het Mulier Instituut via panelonderzoek gegevens over actuele vraagstukken rondom de inzet van buurtsportcoaches, combinatiefunctionarissen en cultuurcoaches en hun aansturing. Doel is om beleidspartners, gemeenten, werkgevers en functionarissen inzicht te verschaffen en eventueel bij te dragen aan discussies over de bevraagde onderwerpen. Het panel sport- en cultuurcoaches en werkgeverspanel sport- en cultuurcoaches zijn voor dit doel in 2017 opgericht. Voor vragen aan verenigingen, gemeenten en burgers worden vragen toegevoegd aan respectievelijk het Verenigingspanel van het Mulier Instituut, het panel van de Vereniging voor Sport en Gemeenten en het Nationaal Sportonderzoek van het Mulier Instituut. Deze resultaten worden verwerkt in factsheets.

Neem voor meer informatie contact op met Wikke van Stam.

Webinar: zicht op sport- en cultuurcoaches: monitoren en evalueren

Wat doen we landelijk om de resultaten van beleid bij sport- en cultuurcoaches te meten? Wat kun je in je eigen gemeente doen om inzicht te krijgen in de resultaten van het beleid rondom sport- en cultuurcoaches? Die vragen staan centraal in het webinar Zicht op sport-en cultuurcoaches: monitoren en evalueren. Het webinar bestaat uit twee delen: 

  1. Monitor Brede Regeling Combinatiefuncties: jaarlijkse vragenlijst

In het eerste deel gaan we in op de jaarlijkse vragenlijst voor gemeenten die deelnemen aan de Brede Regeling Combinatiefuncties (BRC). Deze gemeenten ontvingen begin juni een uitnodiging om de vragenlijst in te vullen (met als deadline september). In het webinar laten we zien hoe de omgeving van de vragenlijst werkt en is volop ruimte voor vragen over deze vragenlijst.

  1. Monitoren in je eigen gemeente: stappenplan

Het tweede deel van het webinar gaat over de mogelijkheden om in je eigen gemeente meer inzicht te krijgen in de resultaten van het beleid rondom de sport- en cultuurcoaches. Hiervoor heeft het Mulier Instituut een stappenplan ontwikkeld. In het webinar nemen we je mee door het stappenplan, delen we voorbeelden van gemeenten en staan we stil bij nut en noodzaak van monitoren en evalueren. Ook hier is ruimschoots gelegenheid voor al je vragen.

Voor wie?

Dit webinar is bedoeld voor gemeenteambtenaren die verantwoordelijk zijn voor de Brede Regeling Combinatiefuncties en voor de sport- en cultuurcoaches die betrokken zijn bij de monitoring en evaluatie in hun gemeente.

Door wie?

Dit webinar wordt aangeboden door de partners die betrokken zijn bij de monitoring van de Brede Regeling Combinatiefuncties (BRC): VSG, LKCA, Mulier Instituut en KCS.

Hoe werkt het?

Het webinar is gratis online te volgen. Als je op 1 juli (16.00 uur) live kijkt kun je tijdens het webinar vragen insturen en kunnen we deze vragen nog in de uitzending beantwoorden. Kun je niet live kijken? Dan kun je ieder moment het webinar online terugkijken.

Jongeren Op Gezond Gewicht (JOGG)

De stichting Jongeren Op Gezond Gewicht wil bijdragen aan een gezonde omgeving en gezonde leefstijl van kinderen en jongeren. Het Mulier instituut voert voor Jongeren Op Gezond Gewicht de volgende activiteiten uit:

  • Jaarlijkse monitor Jongeren op Gezond Gewicht

Het Mulier Instituut rapporteert in een jaarlijkse voortgangsrapportage over de werkzaamheden en vorderingen van Jongeren op Gezond Gewicht. In de rapportage worden de inzet en activiteiten van Jongeren op Gezond Gewicht afgezet tegen de ontwikkeling van enkele kernindicatoren betreffende gezond gewicht en voeding, en sport- en beweegdeelname.

Klik hier om de Monitor Jongeren Op Gezond Gewicht 2018 te downloaden (pdf).

Klik hier om de Monitor Jongeren Op Gezond Gewicht 2017 te downloaden (pdf).

Klik hier om de Monitor Jongeren Op Gezond Gewicht 2016 te downloaden (pdf).

Klik hier om het factsheet over het rapport 2016 te downloaden (pdf).

Klik hier om de Monitor Jongeren Op Gezond Gewicht 2015 te downloaden (pdf).

  • Expertfunctie Monitoring en Evaluatie JOGG-gemeenten

Jongeren op Gezond Gewicht ondersteunt gemeenten die volgens de JOGG-aanpak werken en wil daarmee een impuls geven aan de lokale monitoring en evaluatie. Hiervoor worden ‘M&E’-experts ingezet die als doel hebben om gemeenten te ondersteunen bij het evalueren van de lokale JOGG-aanpak. Het Mulier Instituut vervult de rol van expert door gemeenten advies te geven over de invulling van monitoring en evaluatie die aansluit op de aanpak voor het stimuleren van een gezonde leefstijl.

Het Mulier Instituut ondersteunt Jongeren op Gezond Gewicht verder bij de doorontwikkeling en versterking van de landelijke M&E-pijler.

  • Evaluatie The Daily Mile en Gezonde School aanpak

Jongeren Op Gezond Gewicht brengt op scholen zowel The Daily Mile als de Gezonde School aanpak onder de aandacht. Het Mulier Instituut onderzoekt momenteel door middel van een online vragenlijst onder 800 schooldirecteuren of scholen wel of niet meedoen aan deze initiatieven. Ook wordt in beeld gebracht wat redenen zijn om wel of niet mee te doen. Jongeren Op Gezond Gewicht kan hierdoor scholen gerichter ondersteunen in het starten met The Daily Mile en/of de Gezonde School aanpak.

Neem voor meer informatie contact op met Dorine Collard.

NL Zwemveilig

Het Mulier Instituut voert in samenwerking met de Nationale Raad Zwemveiligheid het project ‘NL Zwemveilig’ uit. Bij dit project zijn meerdere partijen betrokken zoals hogescholen, Kenniscentrum Sport en andere organisaties uit de sport-, onderwijs-, en zwemsector.

Binnen dit onderzoek is het doel om een meer ‘evidence based’-aanpak van het zwemonderwijs te ontwikkelen. NL Zwemveilig gaat de komende jaren de tweede subsidieperiode in. In 2016-2017 heeft het Mulier Instituut verschillende doelgroepen gemonitord en verdiepend onderzoek uitgevoerd naar schoolzwemmen, toezichthouden en verdrinking. In de tweede periode, lopend van 2018-2020, gaat het Mulier Instituut verder met monitoren van dezelfde, maar ook nieuwe doelgroepen. Tevens staat verdiepend onderzoek naar verdrinking centraal.

NL Zwemveilig bouwt voort op eerdere projecten als het ‘Tienpuntenplan’ en het project ‘Waterdicht’ van Vereniging Sport en Gemeenten en het Expertisecentrum Zwemonderwijs, gecoördineerd door Fontys Sporthogeschool. Kijk voor meer informatie over NL Zwemveilig bij het onderzoeksthema leren zwemmen.

Neem voor meer informatie contact op met Corry Floor.

Doortrappen: monitoring en evaluatie

In Nederland wordt fietsen van jongs af aan bijgebracht. We doen het dagelijks en het is tot op hoge leeftijd populair. Dat is positief (het houdt ons gezond, in beweging en sociaal actief) maar oudere fietsers zijn kwetsbaar. Het aantal senioren dat met fietsongevallen ernstig letsel oploopt, is sinds 2000 met 50 procent toegenomen (Beleidsimpuls Verkeersveiligheid, 2012).

Vanuit het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat is daarom het concept Doortrappen ontwikkeld. Doortrappen heeft de ambitie om ouderen bewust te maken van het aspect fietsveiligheid en hen te verleiden tot aanpassingen aan de fiets of in gedrag, met als uiteindelijk doel het verminderen van ongelukken met fietsende ouderen.

Het programma wordt op verschillende plaatsen in het land ingezet. Het Mulier Instituut monitort het programma en voert een actie-ondersteunende evaluatie uit. Het onderzoek bestaat uit twee fasen. Fase 1 (2019) heeft tot doel om inzicht te krijgen in de programmatheorie van Doortrappen en de werkwijze van de deelnemende provincies/regio’s en gemeenten. Het doel van fase 2 (2020-2021) is om op verschillende niveaus de voortgang te monitoren. Daarnaast wordt een actie-ondersteunende evaluatie uitgevoerd om te bekijken hoe het programma kan worden doorontwikkeld.

Contactpersoon: Lisanne Balk.

Veilig Sport Klimaat (VSK)

Het actieplan “Naar een veiliger sportklimaat” (VSK) is eind 2011, op initiatief van VWS, van start gegaan en liep tot en met 2018. Het doel van het actieplan was het tegengaan van geweld en intimidatie op en rond de sportvelden en het creëren van een veilig sportklimaat waarin iedereen met plezier kan sporten.

Het Mulier Instituut rapporteerde jaarlijks over de voortgang van het VSK-programma. Daarbij was het doel van de ‘VSK-monitor’ om vast te stellen:

  • welke voortgang met het VSK-programma werd geboekt (liepen de onderdelen op koers, waar moest eventueel worden bijgestuurd?);
  • wat daarvan de betekenis was in termen van gewenst en ongewenst gedrag en de veiligheid binnen het Nederlandse sportklimaat;
  • hoeveel van deze inspanningen op lange(re) termijn beklijven in de steeds veranderende sportwereld.

Klik hier voor de VSK Monitor 2018 en klik hier voor de rapportage Monitor Sportief wedstrijdgedrag 2018 waarin een beeld wordt gegeven van het brede scala aan (on)sportieve handelingen dat plaatsvindt tijdens diverse sportwedstrijden.

Klik hier voor de themapagina sportcultuur.
Neem voor meer informatie contact op met Agnes Elling.

Uitgelicht

VSK Monitor 2018

Steeds minder mensen maken ongewenst gedrag mee in de sport en het veiligheidsgevoel in de sport is hoger dan elders in de maatschappij. Veilig Sportklimaat (VSK) ligt beklonken in beleidsplannen van sportbonden en steeds meer verenigingen hebben clubregels, vertrouwenspersonen en protocollen voor omgang met excessen. Het belang van Veilig Sportklimaat is diep in de Nederlandse sport doorgedrongen. Tegelijk stellen betrokkenen vast dat ‘VSK’ nooit af is en vinden kaderleden het noodzakelijker dan ooit dat aandacht besteed wordt aan een veilig sportklimaat.

Uitgelicht

Sportief wedstrijd- gedrag

Hoe sportief gaat het eraan toe op de Nederlandse amateurvelden, en welke wedstrijden verlopen het sportiefst? Hoe verloopt de wedstrijdspanning tijdens een wedstrijd, en welke factoren zijn daaraan gerelateerd? Laat een verliezend team meer negatieve gedragingen zien dan een winnend team? Een aantal belangrijke vragen die het Mulier Instituut heeft beantwoord op basis van meer dan 100.000 geregistreerde sportieve en onsportieve gedragingen bij 875 wedstrijden in de amateursport.