Leren zwemmen

NL Zwemveilig

Het Mulier Instituut voert in samenwerking met de Nationale Raad Zwemveiligheid het project ‘NL Zwemveilig’ uit. Bij dit project zijn meerdere partijen betrokken zoals hogescholen, Kenniscentrum Sport en andere organisaties uit de sport-, onderwijs-, en zwemsector.

Binnen dit onderzoek is het doel om een meer ‘evidence based’-aanpak van het zwemonderwijs te ontwikkelen. NL Zwemveilig gaat de komende jaren de tweede subsidieperiode in. In 2016-2017 heeft het Mulier Instituut verschillende doelgroepen gemonitord en verdiepend onderzoek uitgevoerd naar schoolzwemmen, toezichthouden en verdrinking. In de tweede periode, lopend van 2018-2020, gaat het Mulier Instituut verder met monitoren van dezelfde, maar ook nieuwe doelgroepen. Tevens staat verdiepend onderzoek naar verdrinking centraal.

NL Zwemveilig bouwt voort op eerdere projecten als het ‘Tienpuntenplan’ en het project ‘Waterdicht’ van Vereniging Sport en Gemeenten en het Expertisecentrum Zwemonderwijs, gecoördineerd door Fontys Sporthogeschool.

Klik hier voor meer informatie over verdrinkingen in Nederland.

NL Zwemveilig: toezichthouden bij zwemmen in binnenwateren en kustwater.

In het kader van het project NL Zwemveilig en in opdracht van de Nationale Raad Zwemveiligheid (NRZ) heeft het Mulier Instituut opdracht om onderzoek te doen naar het toezichthouden bij zwemmen in binnenwateren en kustwater. Het eerste doel is om meer kennis te verkrijgen in de wijze waarop het toezichthouden bij zwemmen in binnenwateren in de praktijk plaatsvindt. Het tweede doel is om goed inzicht te verkrijgen in beleving van toezichthouders bij het uitvoeren van hun uitvoerende taak. De kennis die wordt opgedaan kan worden gebruikt om te kunnen voorzien in de juiste (veiligheids)regels, scholing en middelen die kunnen helpen in het uitvoeren van de toezichthoudende taak.

Het onderzoeksproject bestaat uit twee projectonderdelen: in projectonderdeel 1 worden de verschillende typen binnenwateren in kaart gebracht. Van deze diverse type binnenwateren wordt casebeschrijvingen gemaakt. In de cases wordt onder meer beschreven wie verantwoordelijk is voor de veiligheid en het toezichthouden bij zwemmen in en rond het water, op basis waarvan keuzes worden gemaakt in de wijze waarop het toezichthouden plaatsvindt, welke (veiligheids)regels er gelden en de wijze waarop de externe communicatie plaatsvindt. Door gesprekken te voeren met de houders van de zwemgelegenheden, wordt getracht een zo goed mogelijk beeld te verkrijgen van de  wijze waarop veiligheidsaspecten geregeld en geborgd worden bij binnenwateren.

In projectonderdeel 2 wordt voor binnenwater en kustwater onderzocht wat de ervaring en de beleving is van de toezichthouders bij het uitvoeren van hun taak. Hiervoor wordt een vragenlijst uitgezet onder toezichthouders (bij binnenwateren en kustwater) bij het uitvoeren van hun toezichthoudende taak.

Bij dit project is een klankbordgroep met experts betrokken ten behoeve van draagvlak en kwaliteit van het  onderzoek. De klankbordgroep is betrokken bij de voorbereidingen van het doen van onderzoek alsmede bij het bespreken van de resultaten van het onderzoek.

Contactpersoon: Martijn van Eck.

Zwemvaardigheid in de gemeente Noordoostpolder

De gemeente Noordoostpolder wil meer inzicht in het niveau van zwemvaardigheid van kinderen binnen de gemeente. Dit inzicht is voor de gemeente wenselijk vanwege de maatschappelijke functie van het Bosbad en de aanstaande vangnetregeling voor kinderen zonder zwemdiploma binnen de gemeente.

Via een vragenlijst wordt het diplomabezit van alle kinderen in groep 5 en 6 in de gemeente Noordoostpolder geïnventariseerd.

In juli 2018 worden de resultaten van het onderzoek verwacht.

Contactpersoon: Amika Singh.

Uitgelicht

Zwemlesaanbieders bezorgd over zwemniveau na behalen diploma

Zwemlesaanbieders zijn bezorgd dat kinderen na het behalen van hun zwemdiploma te weinig oefenen en te weinig zwemmen. 70 procent van de zwemlesaanbieders vindt dat kinderen na de zwemles te weinig zwemmen, waardoor hun zwemvaardigheid achteruit gaat.

Uitgelicht

3 procent Nederlandse jeugd heeft geen zwemdiploma

3 procent van de 11-16-jarigen in Nederland heeft geen zwemdiploma. De overige 97 procent heeft minimaal het A-diploma. In totaal heeft 78 procent van de 11-16-jarigen in Nederland in 2016 zowel het A- als B- diploma en heeft 34 procent het A-, B- en C-diploma.