Cijfers & trends

Cijfers & trends in sportdeelname

Meer dan de helft (54%) van de Nederlanders sport wekelijks, 70 procent sport maandelijks en 31 procent van de Nederlanders is lid van een sportvereniging.

Op verschillende niveau’s, zoals leeftijd, sporttakken en opleiding, zijn verschillende trends te zien. We zien dat vooral hoogopgeleiden sporten, dat steeds meer ouderen regelmatig sporten en dat het belang van sporten op de openbare weg groeit. De sportdeelname van mensen met een beperking blijft fors achter.

Gemeenten, provincies, internationaal

Ook tussen gemeenten en provincies in Nederland bestaan verschillen in sportdeelname. Het Mulier Instituut doet sportdeelname-onderzoek voor gemeenten en provincies zoals recent voor de provincie Almere. Door vergelijking van gemeenten wordt geprobeerd om de verschillen in sportdeelname te verklaren, zoals in deze rapportage waarin is onderzocht hoe groot de sportdeelnameverschillen tussen gemeenten zijn en hoe dat te verklaren is.

Ook op internationaal niveau doet het Mulier Instituut sportdeelname-onderzoek. Daaruit blijkt dat Nederland qua sportdeelname behoorlijk goed scoort. Vier op de vijf Nederlanders (80%) bewegen wekelijks recreatief (niet sportgerelateerd). Nederland is daarmee één van de beweegkoplopers in Europa, waar het gemiddelde beweegcijfer (44%) een stuk lager ligt. Met meer dan de helft (56%) van de Nederlanders die wekelijks sport, scoort Nederland ook in die ranglijst hoger dan het EU-gemiddelde (40%).

Belemmeringen en motieven

Het Mulier Instituut onderzoekt ook belemmeringen en motieven om te sporten (en bewegen), hoe mensen zich op nieuwe sporten oriënteren en of het sportaanbod aansluit op de behoefte aan sport. Uit een vergelijking van het Mulier Instituut tussen 2011 en 2018 blijkt dat Nederlanders niet alleen meer sporten en bewegen, maar dat ook de motivatie om in beweging te komen groeit. 62 procent van de Nederlanders is redelijk of sterk gemotiveerd om te sporten en bewegen. Dit was in 2011 56 procent. De redenen om te sporten en bewegen zijn vooral gerelateerd aan gezondheid. Sporten en bewegen voor het plezier, ontspanning en sociale contacten staan daarentegen enige mate onder druk.

Expertgroepen sportdeelname

Het Mulier Instituut is vertegenwoordigd in een nationaal en een internationaal platform waarin (het betrouwbaar meten van) sportdeelname aan de orde komt.

Het nationale platform sportdeelname bestaat uit instellingen die onderzoek naar sportdeelname verrichten. Zowel landelijke instellingen als gemeenten en provincies zijn vertegenwoordigd. Het platform is onder andere verantwoordelijk voor de Richtlijn Sportdeelname Onderzoek (RSO). Twee keer per jaar komen de deelnemers bij elkaar.

Meer weten of een bijeenkomst bijwonen? Neem dan contact op met Remko van den Dool.

Internationaal is het Mulier Instituut aangesloten bij het Measure-netwerk. Zij onderzoeken onder andere de beste manier om sportdeelname vast te stellen. Door het netwerk weten internationale onderzoekers elkaar te vinden. Nadere informatie over dit platform is te krijgen via Remco Hoekman.

 

Uitgelicht

Motivatie om te sporten en bewegen neemt toe

Nederlanders sporten en bewegen niet alleen meer, ook de motivatie om in beweging te komen groeit. 62 procent van de Nederlanders is redelijk of sterk gemotiveerd om te sporten en bewegen. Dit was in 2011 56 procent. De redenen om te sporten en bewegen zijn vooral gerelateerd aan gezondheid. Sporten en bewegen voor het plezier, ontspanning en sociale contacten staan daarentegen enige mate onder druk.

Uitgelicht

Nederland één van de beweegkoplopers in Europa

Vier op de vijf Nederlanders (80%) bewegen wekelijks recreatief (niet sportgerelateerd). Nederland is daarmee één van de beweegkoplopers in Europa, waar het gemiddelde beweegcijfer (44%) een stuk lager ligt.  Met meer dan de helft (56%) van de Nederlanders die wekelijks sport, scoort Nederland ook in die ranglijst hoger dan het EU-gemiddelde (40%).