Vrijwilligerswerk in de sport: minder animo voor structurele taken, meer voor incidentele
Er is een verschuiving zichtbaar in het type vrijwilligerstaken dat Nederlanders doen in de sport. Het aandeel vrijwilligers voor structurele taken neemt af, zoals bestuursfuncties. Het aandeel dat incidentele vrijwilligerstaken doet, is stabiel of groeit zelfs. Dat blijkt uit onderzoek van het Mulier Instituut over de periode 2012-2022.
Minder trainers en bestuurders
Over de periode 2012-2020 bleef het aandeel vrijwilligers als trainer of coach redelijk stabiel. Maar daarna is een afname te zien: van 43 procent in 2020 naar 36 in 2022. Het aandeel vrijwilligers in het bestuur was al aan het dalen. Dat is nu verder afgenomen, van 13 procent in 2020 naar 11 procent in 2022.
Wel animo voor incidentele en horecataken
Het aandeel vrijwilligers voor incidentele taken is in de periode 2012-2022 redelijk gelijk gebleven. Dat gaat bijvoorbeeld om het organiseren van evenementen of het onderhoud van de accommodatie. Voor horecataken en bardiensten is het aandeel vrijwilligers de afgelopen jaren zelfs iets toegenomen: van 27 procent in 2020 naar 31 procent in 2022.
Verschillen naar achtergrondkenmerken
Enkele opvallende ontwikkelingen over de periode 2012-2022 op basis van gender, leeftijd en opleidingsniveau zijn:
- Het aandeel vrijwilligers in de sport blijft de afgelopen decennia redelijk stabiel. In 2022 was 9 procent van de Nederlanders (12 jaar en ouder) maandelijks of vaker als vrijwilliger actief in de sport.
- Mannen zijn relatief vaker vrijwilliger in de sport dan vrouwen. Het aandeel vrouwen is redelijk gelijk gebleven (7% in 2022). Het aandeel mannen is iets afgenomen: van 16 procent in 2012 naar 12 procent in 2022.
- Het aandeel jongeren en jongvolwassenen (12-34 jaar) dat actief is als vrijwilliger in de sport daalt. In 2022 deed de groep 35-54-jarigen het vaakst maandelijks vrijwilligerswerk (13%) en de groep 20-34-jarigen het minst vaak (7%).
Enquête onder 3.000 Nederlanders
Dit factsheet is gebaseerd op gegevens uit de Vrijetijdsomnibus (VTO) van het CBS. De VTO is een enquête onder 3.000 inwoners van Nederland van 6 jaar en ouder. In het onderzoek wordt gevraagd naar de vrijetijdsbesteding aan sport en cultuur door de Nederlandse bevolking.
Meer nieuws over dit thema
Nederlandse sportorganisaties scoren 6,3 op innovatie
Nederlandse sportorganisaties scoren in 2025 gemiddeld 6,3 op sportinnovatie, op een schaal van 1 tot 10. Dit is geen rapportcijfer, maar een gemiddelde om de score te duiden. De score is vergelijkbaar met de score uit 2021, toen de nulmeting plaatsvond.
Sportverenigingen hebben dorpshuisfunctie in krimp- en anticipeerregio’s
Sportverenigingen en hun accommodaties zijn soms een van de laatst overgebleven voorzieningen in dorpen waar de bevolking krimpt. Zij vervullen daar een dorpshuisfunctie: mensen ontmoeten elkaar bij verenigingen en accommodaties voor verschillende doeleinden.
Twee studies brengen arbeidsvoorwaarden in sport en bewegen beter in beeld
In opdracht van de Human Capital Agenda Sport en Bewegen heeft het Mulier Instituut twee studies uitgevoerd naar arbeidsvoorwaarden in sportbanen. De onderzoeken geven meer inzicht in hoe arbeidsvoorwaarden in sport en bewegen zijn geregeld.