Ga naar de inhoud

Voortgang Sportakkoord II: lokale samenwerkingen ontstaan en versterkt, maar zorgen over borging resultaten

Vanuit lokale sportakkoorden zijn er rondom de thema’s Vaardig in Bewegen (ViB) en Inclusie & Diversiteit (I&D) samenwerkingen ontstaan en versterkt. Ook zien we veranderingen die bijdragen aan sport en bewegen. Maar in gemeenten leven ook zorgen over het borgen van de opbrengsten die daaruit voortvloeien. Sportakkoord II (SAII) eindigt namelijk eind 2026. Dit blijkt uit monitoring van het Mulier Instituut in achttien gemeenten.

Lokaal maatwerk mogelijk

De voortgang op ViB en I&D verschilt tussen onze partnergemeenten. Aan de ene kant omdat partners van lokale sportakkoorden keuzevrijheid hebben in en hoe zij met de thema’s aan de slag gaan. Aan de andere kant omdat er tussen gemeenten verschillen zijn in de mate waarin de thema’s al spelen. En in hoeverre ze dus kunnen voortbouwen op bestaande structuren en acties. Zo zijn er in een aantal gemeenten al verbindingen met basisscholen. Zij kunnen daardoor sneller samenwerkingen opzetten met kinderopvanglocaties.

De keuzevrijheid is een kracht van SAII, want daarmee is lokaal maatwerk mogelijk. Partners kunnen inspelen op lokale behoeften en ontwikkelingen. Daar staat tegenover dat hierdoor niet alles uit het landelijke beleidsprogramma een doortvertaling krijgt op lokaal niveau.

Directe en indirecte veranderingen zichtbaar

Onze partnergemeenten zetten vooral in op snelle acties en eenvoudige verbindingen. Die leiden tot zowel directe als indirecte veranderingen die bijdragen aan sport en bewegen. Gemeenten voerden bijvoorbeeld een gemeentepas in en sloten zich vaker aan bij het Volwassenfonds Sport & Cultuur. Die regelingen vergrootten direct de financiële toegankelijkheid van sport en bewegen voor groepen mensen.

Indirecte veranderingen zijn bijvoorbeeld:

  • meer gemeenten die de motorische vaardigheden van kinderen meten;
  • meer kennisbijeenkomsten over de sociale toegankelijkheid van sport en bewegen;
  • meer gemeenten die de behoeften van mensen met een beperking om te sporten en bewegen onderzoeken.

De ontstane acties, verbindingen en veranderingen zijn waardevolle stappen. Maar ze leiden nog niet altijd tot structurele, domeinoverstijgende oplossingen voor problemen. Bijvoorbeeld betere motorische vaardigheden van kinderen of beter vervoer en betere hulpmiddelen voor mensen met een beperking. Aan de andere kant waren dit soort oplossingen ook niet te verwachten met de insteek en budgetten van SAII.

Samenwerkend besturen levert veel op, maar kent ook grenzen

De opzet van SAII biedt gemeenten de mogelijkheid om koppelingen te maken met andere beleidsagenda’s en akkoorden. Zoals het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA), lokale inclusieagenda’s en het VN-verdag Handicap. Dit krijgt bijvoorbeeld vorm in wijkgerichte aanpakken. Daarin werken buurtsportcoaches, jongerenwerkers en sportaanbieders samen voor meer inclusie. Ook sluiten gemeenten aan bij het programma Kansrijke Start. En werken ze samen met organisaties uit de sport en het sociaal domein.

Toch komt samenwerking niet overal even makkelijk van de grond. Zo is het binnen het thema ViB nog lastig om het onderwijs te betrekken. Sport en bewegen is namelijk geen kerntaak van scholen. Bij I&D zorgt de koppeling voor meer urgentie om met het thema aan de slag te gaan. Maar ontstaat ook het risico dat de boodschap van I&D naar de achtergrond verdwijnt in een breder verhaal.

Betrokkenheid sportverenigingen en ondernemende sportaanbieders verschilt

In onze partnergemeenten spelen ondernemende sportaanbieders met name een rol bij het organiseren van sportaanbod voor 0-4-jarigen. Verenigingen zijn juist vaker betrokken bij de opgaven voor I&D.

Over het algemeen zijn verenigingen vaker betrokken bij de uitvoering van SAII dan ondernemende sportaanbieders. De relatie tussen gemeenten en sportverenigingen is van oudsher intensiever. Ook zijn de opgaven van SAII meer toegespitst op verenigingen. Het is relevant om ondernemende sportaanbieders in de toekomst te blijven betrekken bij (nieuwe) beleidsontwikkelingen.

Borging: draagvlak en financiering nodig

SAII heeft bijgedragen aan nieuwe stappen en verbindingen. Bij voldoende draagvlak en politieke wil is het mogelijk beleidsaandacht te houden voor I&D en ViB. Beide zijn ook nodig om de kernteams in stand te houden die de lokale sportakkoorden aanvoeren.


In veel partnergemeenten bestaan zorgen over de borging van specifieke acties en programma’s nu SAII-middelen gaan wegvallen. Bijvoorbeeld voor vakleerkrachten bewegingsonderwijs en voor minder sportuitval onder jongeren. Er is politiek draagvlak en eventuele herbestemming van financiële middelen nodig om zulke elementen van SAII door te zetten.

Meer nieuws over dit thema

Sportbeleid overwegend stabiel in 2024 en 2025

Het sportbeleid kent een aantal lijnen die al langere tijd lopen. Zoals het Sportakkoord en de Brede Regeling Combinatiefuncties. En ook op beleidsonderdelen als topsport en (topsport)evenementen is er vastgesteld beleid. Dit zorgt voor stabiliteit en structuur in het sportbeleid. Tegelijk nam de aandacht voor een aantal beleidsthema’s toe en werd het beleid breder.

Religie en sport gaan goed samen, maar er zijn ook uitdagingen voor christelijke en islamitische ouders

Voor praktiserend religieuze ouders kan religie hun sportdeelname zowel stimuleren als belemmeren. Vooral voor moeders kunnen aan gender en religie gekoppelde waarden en gezinsverantwoordelijkheden ook belemmerend werken.

BRC-functionarissen actief op helft basisscholen

Op 50 procent van de scholen in het primair onderwijs waren in 2025 één of meer BRC-functionarissen actief. Het grootste deel daarvan is een paar keer per jaar actief op de school.