Ga naar de inhoud

Airsoft voor jeugd: verkenning geeft inzicht in voorwaarden voor pilot

Voor een pilot met jeugdairsoft zijn duidelijke voorwaarden nodig: voor veiligheid, begeleiding en een pedagogisch verantwoorde omgeving. Jongeren mogen in Nederland momenteel geen airsoft beoefenen. In de context van de herziening van de wapenwetgeving verkende het Mulier Instituut, in opdracht van de Nederlandse Airsoft Belangenvereniging (NABV), welke voorwaarden en afwegingen belangrijk zijn voor zo’n pilot.

De verkenning bestond uit een literatuurstudie naar verwante activiteiten en een sessie met experts.

Airsoft kan specifieke groep jongeren aanspreken

Uit de literatuurstudie blijkt dat airsoft kan aansluiten bij jongeren met interesse in tactiek, competitie, samenwerking en schietgames. Experts herkennen dit beeld. Zij zien vooral kansen voor jongeren die zoeken naar spanning en fysieke uitdaging, maar zich niet aangesproken voelen door bestaande sportvormen.

Airsoft kan voor deze groep een actieve sportervaring bieden waarin bewegen, samenwerken en spel samenkomen. Volgens experts kan dat waardevol zijn, zolang de activiteit duidelijk als sport wordt ingericht.

Goede begeleiding en sportklimaat zijn belangrijk

Omdat jeugdairsoft in Nederland niet is toegestaan, is er weinig onderzoek naar de effecten ervan op jongeren. Daarom hebben we in de literatuur gekeken naar verwante activiteiten, zoals vechtsport, schietsport, paintball en schietgames. Hieruit blijkt dat de context waarin jongeren deelnemen belangrijk is.

Bij vechtsporten zijn er positieve effecten, zoals meer zelfbeheersing en weerbaarheid. Die hangen vooral samen met goede begeleiding, duidelijke waarden en een sportklimaat waarin leren en ontwikkeling centraal staan. Voor schietgames is het wetenschappelijke beeld minder eenduidig. Sommige studies wijzen op risico’s, andere vinden geen direct verband met agressief gedrag.

Pilot vraagt om duidelijke pedagogische voorwaarden

Volgens experts is het militaire realisme van airsoft het belangrijkste aandachtspunt. Dat vraagt om zorgvuldige keuzes in spelvormen, taalgebruik, uitstraling en begeleiding. De sportieve context moet centraal staan, niet het naspelen van militaire situaties.

Voor een pilot zijn daarom duidelijke voorwaarden nodig. Denk aan:

  • goed opgeleide begeleiders;
  • aandacht voor sociale veiligheid;
  • betrokkenheid van ouders;
  • passende leeftijdsgroepen;
  • een veilige, transparante accommodatie.

Experts adviseren ook om jongeren zelf te betrekken bij de ontwikkeling van spelvormen.

Pilot kan voorwaarden in de praktijk toetsen

Een pilot kan helpen om voorwaarden voor jeugdairsoft in de praktijk te toetsen. Daarbij gaat het om veiligheid en materiaalgebruik, maar ook om de vraag hoe jongeren de sport ervaren. En om welke begeleiding nodig is en hoe waarden als sportiviteit, samenwerking en inclusie worden overgebracht.

Voor een pilot met jeugdairsoft zoals de NABV die voor ogen heeft, is juridische ruimte nodig. Als die ruimte er komt, vraagt een pilot volgens de experts om een kleinschalige en gecontroleerde opzet. Met ruimte voor monitoring en evaluatie. Zo kan de NABV stap voor stap onderzoeken onder welke voorwaarden ze jeugdairsoft verantwoord kunnen inrichten.

Literatuuronderzoek en expertsessie

Voor deze verkenning voerde het Mulier Instituut een literatuurstudie uit naar verwante activiteiten. Daarnaast organiseerden de onderzoekers een expertsessie met deskundigen op het gebied van onder meer jeugdsport, sportpedagogiek, sportethiek en sportontwikkeling. De inzichten uit beide onderdelen gebruikten ze om voorwaarden en aandachtspunten voor een pilot met jeugdairsoft in kaart te brengen.

Meer nieuws over dit thema

Ontwikkelingen in vrijwilligerswerk: minder bestuurders en commissieleden, meer trainers en coaches

Het aandeel vrijwilligers voor het bestuur, commissies en organisatorische zaken in de sport neemt met de jaren verder af. Functies als trainer en scheidsrechter deden in 2024 nog wel even veel mensen als twee jaar eerder, of zelfs meer.

Contributies sportverenigingen stijgen, maar vaak minder dan inflatie

Tussen 2023/2024 en 2025/2026 stegen de contributies van sportverenigingen voor senioren in zes sporttakken minder dan de inflatie. Dit gaat om basketbal, korfbal, roeien, tennis, voetbal en zwemmen. Voor rugby stegen de contributies in deze periode met meer dan de inflatie.

Nederlandse sportorganisaties scoren 6,3 op innovatie

Nederlandse sportorganisaties scoren in 2025 gemiddeld 6,3 op sportinnovatie, op een schaal van 1 tot 10. Dit is geen rapportcijfer, maar een gemiddelde om de score te duiden. De score is vergelijkbaar met de score uit 2021, toen de nulmeting plaatsvond.