Monitor Olympisch Plan Brabant

Op 10 december 2010 hebben Provinciale Staten het investeringsvoorstel 'Olympisch Plan Brabant: versterking sportinfrastructuur' vastgesteld. Daarmee is een impuls van veertig miljoen euro gemoeid (het zogenaamde Olympisch Fonds). Versterking van het sportklimaat in Noord-Brabant is het doel van deze investeringen die in de geest van het Olympisch Plan 2028 plaatsvinden. In februari 2011 is het investeringsvoorstel uitgewerkt. In die uitwerking staan de doelen van het Olympisch Fonds verwoord (waarbij gehandicaptensport ook in de eerste drie doelen verweven is).

  • Talentontwikkeling: ontwikkelen, binnenhalen en behouden van talenten voor de kernsporten en het ondersteunen van Olympisch Netwerk Brabant;
  • Topsportaccommodaties: vaststellen of aantal, typen en spreiding van topsportaccommodaties Brabantbreed volstaan dan wel investeringen vereisen;
  • Topsportevenementen: ondersteunen van grote topsportevenementen voor de kernsporten dan wel deze evenementen naar Brabant halen;
  • Gehandicaptensport (bijzondere breedtesport): opzetten van regionale sportloketten voor mensen met een lichamelijke en/of verstandelijke beperking.


Er is alleen kennis beschikbaar over het inputproces: de middelen uit het Olympisch Fonds die geïnvesteerd worden. Er ontbreekt nog een compleet beeld van de activiteiten die met deze middelen worden gefinancierd. Uitkomsten en effecten daarvan zijn logischerwijze ook onbekend.

Het doel van dit project is tweeledig:

  1. Het ontwikkelen van een instrumentarium waarmee inzicht wordt verstrekt in de activiteiten, de uitkomsten en de effecten van het Olympisch Plan Brabant. Dit betreft de ontwikkeling van een onderzoeksmethode of een 'toolkit' voor dit onderzoek.
  2. Inzetten van een instrumentarium om de hierboven vermelde inzichten te verkrijgen. Dit betreft de uitvoering van het onderzoek (een nulmeting).


Bij de ontwikkeling van het instrumentarium wordt aansluiting gezocht bij de Regeling Periodiek Evaluatieonderzoek en beleidsinformatie 2006. Voor ministeries, maar ook voor provincies, kan dit worden ingezet om de doelmatigheid en de doeltreffendheid van beleid en de doelmatigheid van de bedrijfsvoering te onderzoeken.

Opdrachtgever

Provincie Noord-Brabant

Contactpersoon

drs. Paul Hover