Ruimtelijke projecten (GIS)

Het Mulier Instituut ziet kennis over sport en ruimte steeds belangrijker worden. De groei naar 75% sportdeelname die de sport zichzelf heeft gesteld, het nieuwe VWS beleidsprogramma Sport en Bewegen in de Buurt, maar ook de mogelijke bevolkingskrimp én de noodzakelijk bezuinigingen op lokaal niveau maken dat het steeds belangrijker wordt om strategisch na te denken over de ruimtelijke inbedding van sport en recreatie: waar is behoefte aan accommodaties, aan welke type accommodaties is behoefte, waar dreigen overschotten, en hoe belangrijk is het om dichtbij huis te kunnen sporten?

Om deze ruimtelijke component te versterken heeft het Mulier Instituut een GIS-expert aan haar onderzoeksteam toegevoegd en diverse ruimtelijke databestanden en modellen overgenomen van het Kenniscentrum Recreatie.

De inzet van GIS (Geografisch Informatie Systeem) is op te delen in drie soorten werkzaamheden:

Kaarten maken: op alle schaalniveaus (landelijk, regionaal, lokaal) kunnen overzichtskaarten worden gemaakt (voorbeeld Landelijk Strijp) of onderzoeksresultaten worden gepresenteerd (voorbeeld zwembaden NL).

Ruimtelijke ‘basis’ analyses: met GIS-software zijn vragen als: ‘hoeveel inwoners hebben binnen 5 kilometer een zwembad tot hun beschikking’ of ‘hoe verhoudt het aantal sportaccommodaties in de provincie Utrecht zich tot andere provincies’ te beantwoorden en overzichtelijk weer te geven in kaarten (voorbeeld zwemmers in Zeeland).

Ruimtelijke modellen: Uitgangspunten, werkwijze en programmeerscripts om op gestandaardiseerde manier diverse bewerkings- en analyse stappen uit te voeren om zo ruimtelijke vraag-aanbod analyses uit te voeren. We hebben drie verschillende ruimtelijke modellen: BRAM (Beleidsondersteunend Recreatie Analyse Model) voor wandelen en fietsen, het Sportmodel voor sporten als voetbal (klik hier voor voorbeeld), hockey, tennis en golf en het Zwemwatermodel voor zwemmen in open water.

Vrijetijdsambitie Landelijk Strijp (Gemeente Eindhoven)

Opdrachtgever: Bureau voor Ruimte & Vrije Tijd/ Gemeente Eindhoven

Landelijk Strijp is deels aangewezen als vestigingsgebied voor bedrijven in het kader van Eindhoven Brainport. Er komen bedrijven die halffabricaten opleveren voor de bekendere grotere spelers als Philips en ASML. Deze bedrijven bieden werkgelegenheid voor hoger opgeleide kenniswerkers. Het bedrijventerrein moet bijzonder worden. Enerzijds is dat de wens van het bedrijfsleven die interesse heeft in dat gebied, zij willen graag dat hun werknemers in het groen zitten (voor bijvoorbeeld ontspanning, inspiratie, rust). Anderzijds is het de bedoeling dat het gebied een uitstraling heeft op bezoekers, bijvoorbeeld bewoners uit de directe omgeving.

In de eerste fase van het onderzoek is een kwantitatieve vraag-aanbod analyse uitgevoerd voor de recreatie-activiteiten wandelen en fietsen. In de tweede fase staat de leefstijlanalyse volgens de segmentatie van de Recron Innovatie Campagne (RIC) centraal. Op basis van deze analyse wordt een advies gegeven hoe Landelijk Strijp een ambitieus vrijetijdsaanbod kan ontwikkelen voor zowel werknemer, bewoner en bezoeker.

Het Mulier Instituut voert voor dit onderzoek al het GIS-werk uit en levert diverse kaarten ter ondersteuning van de onderzoeksresultaten.

Klik hier om de eindrapportage Vrijetijdsambitie landelijk Strijp te downloaden (pdf).

Openstelling loont? Onderzoek naar de verwachte positieve effecten van openstelling van natuurterreinen op de regionale vrijetijdseconomie

Opdrachtgever: Bureau voor Ruimte & Vrije Tijd/ Organisatie Rijn in Beeld

Natuurgerichte recreatievormen nemen een belangrijke plek in het vrijetijdsaanbod in. Essentieel voor een optimaal vrijetijdslandschap is dat terreinbeheerders en andere eigenaren/beheerders hun terreinen openstellen en het aanbod (bijvoorbeeld wandelroutes) afstemmen op hun gebruikers. Dat dit kan zonder schadelijke effecten voor natuur blijkt uit de succes die hiermee onder andere zijn behaald door natuurontwikkeling in het rivierengebied. In de eerste plannen rondom natuurontwikkeling in stroomgebieden in Nederland gingen natuur, economie en recreatie (openstelling) altijd gelijk op. Een succesvol voorbeeld is de Gelderse Poort, waar natuurontwikkeling hand in hand ging met het gebruik van de terreinen door diverse bezoekers uit de regio en daarbuiten. In sommige gebieden zoals het IJsseldal en de Bedijkte Maas bestaat echter de indruk dat de relatie natuur, recreatie en economie enigszins is losgelaten. Deze gebieden hebben een op het oog minder goed ontwikkeld vrijetijdsaanbod en de openstelling van gebieden voor het publiek laat soms te wensen over. De vraag is of verdere openstelling van natuurterreinen in die gebieden de regionale vrijetijdseconomie kan bevorderen.

In het voorjaar van 2012 vindt het symposium ‘Rijn in beeld’ plaats. Op het symposium staan de successen van 20 jaar natuurontwikkeling in het Rijnstroomgebied centraal. Eén van de thema’s waaraan tijdens dit symposium aandacht zal worden besteed, is de ‘vrijetijdseconomie’, oftewel de economische waarde van (natuur)recreatie. Het Bureau voor Ruimte & Vrije Tijd heeft daarom de opdracht gekregen om (kort) te onderzoeken wat de te verwachten positieve effecten van openstelling van natuurterreinen op de regionale vrijetijdseconomie zijn. Hiertoe worden gebieden die relatief veel opengestelde terreinen hebben op een aantal aspecten (vrijetijdsaanbod, openstelling, toegankelijkheid, werkgelegenheid vrijetijdssector, oppervlakte natuurterrein, (toeristische) bestedingen, aantal dagtochten/overnachtingen), vergeleken met gebieden die dat niet hebben.

Het Mulier Instituut voert voor dit onderzoek al het GIS-werk uit en levert diverse cijfers en kaarten ter ondersteuning van de onderzoeksresultaten. Tevens ondersteunt het Mulier Instituut de opdrachtgever in het opzetten van de onderzoeksaanpak en het analyseren van diverse databronnen.

Klik hier om de eindrapportage Openstelling loont! Het effect van natuur en openstelling op de vrijetijdseconomie langs grote rivieren te downloaden (pdf).

Contactpersoon

ir. Karin Hoenderkamp