Sporteconomie

Het economisch belang van sport, hoewel moeilijk precies te becijferen, is groot. Policy Research Corporation schat de productiewaarde van sport in Nederland op circa 8,6 miljard euro, dat is ongeveer 1,5 procent van het bruto nationaal product in Nederland (2007). Die waarde van sport omvat niet eens het plezier dat mensen beleven aan het bijwonen van evenementen en het kijken naar wedstrijden (passieve sportconsumptie). Naast het belang van sport als onderdeel van het economisch verkeer, kan aan de andere kant economie als gedragswetenschap ook helpen om gedrag van actoren in de sport beter te begrijpen en te verklaren. Dit project kent twee onderzoekslijnen die belangrijke lacune's in de huidige kennis opvullen.

1. Economie, sport en de regio.

Gezien de interesse van steden, provincies en nationale overheden om sportevenementen te organiseren, wekt het weinig verbazing dat evaluatie van dergelijke evenementen steeds belangrijker is geworden. De meeste van die evaluatiestudies analyseren het effect van een evenement op de organiserende stad of de organiserende regio. Voor veel kleinere evenementen is het echter relevanter onderscheid te maken tussen de organiserende stad, de regio er om heen, en de rest van Nederland (of de wereld). Naast eenmalige evenementen, hebben ook structurele sportvoorzieningen een effect op een regio of stad. Daarbij kan gedacht worden aan een schaatsbaan, of een professionele voetbalclub. In hoeverre scoren gemeenten met dergelijke faciliteiten beter op variabelen als econonomische groei en werkgelegenheid dan gemeenten die dergelijke faciliteiten niet hebben?

2. Internationaliserende sport.

Sport internationaliseert in toenemende mate, en sportonderzoek ook. Deze internationalisering treedt niet alleen op in de breedtesport (vakantiegangers nemen hun hardloopspullen mee, breedtesportevenementen richten zich soms ook expliciet op buitenlandse deelnemers) maar met name ook in de (professionele) topsport. Hoewel internationalisering van topsport niet nieuw is (de eerste Nederlandse profvoetballers waren professional in het buitenland toen die status in Nederland nog niet bestond), zijn er maar weinig studies die expliciet de gevolgen van internationalisering op sport onderzoeken. In deze lijn richt men zich voornamelijk op de professionele topsport.

De projecten die onder 'Sporteconomie' vallen, worden deels uitgevoerd door medewerkers van en studenten aan de Faculteit Economie en Bedrijfskunde van de Rijksuniversiteit Groningen, deels in samenwerking met het Mulier Instituut (bijvoorbeeld de genoemde kwalitatieve onderzoeken) en met andere onderzoekers in het meerjarenprogramma. Onderzoeksresultaten worden gepresenteerd tijdens congressen en lezingen, en gepubliceerd in internationale wetenschappelijke tijdschriften.

Opdrachtgever

Ministerie van VWS

Contactpersoon

prof. dr. Ruud Koning

Dit project maakt onderdeel uit van het Meerjaren onderzoeksprogramma 2011-2014 Sportland Nederland, ambities en prestaties