Sportaccom (column)

De column van Remco Hoekman in Sportaccom (5-2017)

Verplicht duurzaam

In de Monitor Lokaal Sportbeleid van het Mulier Instituut meldt de helft van de gemeenten in 2016 dat verduurzaming een belangrijk onderdeel is van het sportaccommodatiebeleid. Hierbij speelt het Nationaal Energieakkoord uiteraard een rol, waarin verduurzaming van maatschappelijk vastgoed als thema benoemd staat, en ook het activiteitenbesluit gebouwen vraagt om actie van gemeenten. Gemeenten moeten iets met duurzaamheid in relatie tot sportaccommodaties. Net als andere maatschappelijke sectoren, wordt de sportsector uitgedaagd en door wet- en regelgeving gedwongen na te denken over maatregelen om zuinig en verantwoorder om te gaan met schaarse hulpbronnen, zoals energie en water, afvalstromen te beperken en duurzaam te bouwen.

De Rijksdienst van Ondernemend Nederland (2015) benoemt in haar rapport ‘Verduurzamen van sportaccommodaties’ specifiek dat het sympathieke karakter van sport duurzaamheid op de kaart zet. En toegegeven, de lijst van inspirerende initiatieven rondom sport en duurzaamheid is groot. Van initiatieven in Eindhoven met een bio-energiecentrale die elektriciteit en warmte produceert voor Nationaal Zwemcentrum de Tongelreep, tot een nieuwe duurzame accommodatie voor voetbalvereniging DZC’68 uit Doetinchem met onder andere overal ledverlichting en zonnepanelen op het dak. Zeker het laatste voorbeeld zet mensen aan het denken over wat ze thuis kunnen doen om het huis duurzamer te maken en de energierekening omlaag te brengen.

Duurzaamheidsmaatregelen gaan immers ook om het realiseren van besparingen, zoals het terugbrengen van de energiekosten. Vanuit gemeenteperspectief past dit goed in het streven tot effectief en doelmatig sportaccommodatiebeleid. Bij sportverenigingen kunnen duurzaamheidsmaatregelen helpen om de begroting meer in balans te brengen door bijvoorbeeld de energiekosten te verlagen. Te meer omdat er tal van subsidie- en financieringsregelingen beschikbaar zijn voor sportverenigingen om duurzaamheidsmaatregelen mogelijk te maken, zoals de subsidieregeling energiebesparing sportaccommodaties.

De Verenigingsmonitor van het Mulier Instituut laat zien dat de laatste jaren ook steeds meer verenigingen duurzaamheidsmaatregelen treffen. In de afgelopen vier jaar hebben twee op de vijf verenigingen geïnvesteerd in maatregelen gericht op energiebesparing en/of energieopwekking. Toch is hier een kanttekening op zijn plaats. Het zijn wel vooral de grotere verenigingen die zich met deze thematiek bezig houden. Je kan je daarmee afvragen of het potentieel van duurzaamheidsmaatregelen wel volledig wordt benut door sportverenigingen.

In 2016 was binnen enkele weken het budget van de subsidieregeling energiebesparing voor sportaccommodaties uitgeput, doordat de voorhoede van sportverenigingen en sportstichtingen massaal aanvragen indiende. In 2017 loopt het beduidend minder storm en is nog ongeveer de helft van het budget over. Mogelijk oorzaak is dat de regeling, zo blijkt, bij een groot deel van de verenigingen niet bekend is. Er is dus communicatief nog wel een slag nodig om het thema duurzaamheid breder in de sportsector op het netvlies te krijgen. En daar is noodzaak toe, want het activiteitenbesluit gebouwen laat aan duidelijkheid niets te wensen over. Er is een verplichting om erkende energiebesparende maatregelen te nemen met een terugverdientijd van 5 jaar of minder. Werk aan de winkel dus voor gemeenten, maar ook voor sportverenigingen en stichtingen. En in het verlengde hiervan voor ondersteuningsorganisaties om met name de vrijwilligers bij sportverenigingen bij de hand te nemen op dit thema. Duurzaamheid is niet een keuze, maar een verplichting.

 

 

 

 

Remco Hoekman
senior onderzoeker Mulier Instituut