Naar Nieuwsoverzicht

Jaarboek Sport & Strategie 2015/’16: vrouw in opmars bij sportverenigingen

04/10/2016

Hoewel de meeste leden van sportverenigingen nog man zijn, is bij geen enkele sportbond het aandeel vrouwelijke leden in twintig jaar gedaald. De opmars van de vrouw is zeker bij het voetbal terug te zien. De meeste sporthoogleraren daarentegen zijn man, de man/vrouw-verdeling onder sportpromovendi is gelijker verdeeld.

Dit blijkt uit het Jaarboek Sport & Strategie 2015/’16 waarin het Mulier Instituut, in samenwerking met Arko Sports Media en Kenniscentrum Sport, voor de vijftiende keer op rij de belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van sportbeleid en sportonderzoek bijeen heeft gebracht. In het jaarboek zijn de meest invloedrijke rapporten geselecteerd en van commentaar voorzien en zijn alle lopende en afgeronde promotieonderzoeken en de betrokken hoogleraren en lectoren in beeld gebracht.
De belangrijkste feiten over de man-vrouw verdeling bij sportverenigingen en de sportwetenschap:

  • 66% van de leden van NOC*NSF sportbonden bestaat uit mannen. Exclusief sportvissen bestaat 62% van de leden uit mannen. In 1984 was dat nog 69%.
  • De meest ‘mannelijke’ sporten zijn dammen en American football waar 96 procent van het ledenbestand man is. Bij paardensport (17% man) en gymnastiek (18%) domineren de vrouwen. Er zijn dertien sporten waarin minder mannen lid zijn van een vereniging dan vrouwen. Bij zestig sporten overheersen de mannen. Bij twee sporten – zwemmen en atletiek – is sprake van genderevenwicht.
  • Bij voetbal is sprake van een duidelijke opmars van de vrouw: in 1984 bestond nog 97 procent van de leden van voetbalverenigingen uit mannen, anno 2014 is dat 89 procent en telde de bond 137.000 vrouwelijke leden. De meeste vrouwelijke sportleden zijn te vinden bij de tennisverenigingen (288.000 in 2014).
  • Nederland telt 37 sporthoogleraren, 27 sportlectoren en 184 sportpromovendi. Evenals in de wetenschap in het algemeen geldt dat hoe hoger de functie, des te groter het aandeel mannen. Van de sporthoogleraren is 84% man, van de lectoren (63%) en van de promovendi is 51% man.
  • Tussen juni 2015 en juni 2016 zijn op het gebied van sport en bewegen 55 proefschriften verschenen. Dat is bijna tweemaal zoveel als een jaar ervoor. Aan 184 promotietrajecten wordt nog gewerkt. Evenals vorig jaar worden aan de Universiteit van Maastricht (55) en de Vrije Universiteit in Amsterdam (54) de meeste proefschriften op het brede gebied van sport en bewegen (exclusief gezondheid) geschreven. Kijken we alleen naar het sportonderzoek, dan is de Vrije Universiteit koploper (40 promovendi), op enige afstand gevolgd door de universiteiten van Groningen (25), Utrecht (25) en Nijmegen (24).

Koen Breedveld, directeur van het Mulier Instituut, benoemt in zijn beschouwing het sportjaar 2015/’16 als een ‘jaar van twee gezichten’. Enerzijds waren op het sportveld uitzonderlijk prestaties te zien en ontsprongen aan de vergadertafels mooie vooruitzichten. Anderzijds ging niet alles crescendo, niet in de sport én niet in beleid. Waar sommige gebeurtenissen werden voorzien (de nieuwe sportagenda van NOC*NSF, de oprichting van Kenniscentrum Sport) kwamen andere gebeurtenissen als een verrassing (zoals de oprichting van een Sportraad, of het mislopen van de Europese Spelen).

Willemijn Baken, directeur-bestuurder van Kenniscentrum Sport, ziet dat het sportlandschap in Nederland sterk in beweging is. De burger heeft een veranderende sportbehoefte en andere leefgewoonten, de financiering staat onder druk en daagt uit tot slimme en nieuwe vormen van sport- en beweegaanbod. Met grote gevolgen voor de wijze waarop de sport in Nederland is georganiseerd.

Klik hier om het Jaarboek Sport & Strategie 2015/2016 te bestellen.

Klik hier voor de editie 2015/2016 van het Jaarboek Sport & Strategie.

Neem voor meer informatie over het Jaarboek Sport & Strategie contact op met Koen Breedveld.

cover-jaarboek-2-png